Op dinsdag 16 oktober 2018 heeft de Tweede Kamer ingestemd met de afschaf van de fiscale aftrek voor rijksmonumenteigenaren. Per 1 januari 2019 is, als alternatief voor die fiscale aftrek, een nieuwe subsidieregeling van kracht, mits het wetsvoorstel in december door de Eerste Kamer wordt goedgekeurd. Op deze pagina leest u wat de aanstaande wijzigingen voor rijksmonumenteigenaren betekenen. 

Als het wetsvoorstel ook door de Eerste Kamer wordt goedgekeurd in december, dan stopt de fiscale regeling voor rijksmonumenteigenaren. Als er aan de regeling niets meer verandert dan betekent dit het volgende voor rijksmonumenteigenaren:

Over de nieuwe regeling

  • De grondslag van de laagrentende lening bij het Restauratiefonds kan een eigenaar tot en met 31 december 2018 bij Belastingdienst Bureau Monumentenpanden laten vastleggen. Het ministerie van OCW heeft het Restauratiefonds gevraagd om het proces van vaststellen van de grondslag van de lening vanaf 1 januari 2019 te organiseren.

  • Alle rijksmonumenteigenaren die gebruik maken van een laagrentende lening van het Restauratiefonds kunnen het hele jaar door deze lening aanvragen. De hoogte van de lening (met een maximum van in beginsel € 300.000) bedraagt vanaf 1 januari 2019 100% van de instandhoudingskosten (onderhoud en restauratie), conform de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten. De eigenaar heeft hiermee de zekerheid van een financiering voor zijn plannen. Bovendien leent een eigenaar-bewoner tegen 1% rente, 10 jaar vast.

  • De nieuwe subsidieregeling, als alternatief voor de monumentenaftrek, gaat in per 1 januari 2019. Zoals het er nu uitziet is de regeling voor particuliere eigenaren van een rijksmonument met een woonfunctie beschikbaar. Per 1 januari 2019 kunnen deze eigenaren achteraf een subsidie aanvragen van 38% van de instandhoudingskosten conform de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten.  Na afronding van de werkzaamheden kan een eigenaar over de kosten in 2019 een subsidieaanvraag indienen in de periode van 1 maart  t/m 30 april in 2020. Aanvragen met kosten boven de € 70.000,- dienen onderbouwd te zijn met een adequaat inspectierapport van de technische en fysieke staat van het rijksmonument. Binnen 13 weken na de aanvraagperiode wordt bekend of de aanvraag wordt gehonoreerd en voor welk bedrag. De subsidies worden aangevraagd bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed die de beoordeling en toewijzing doet. 
  • Wanneer een eigenaar voor de subsidie in aanmerking wil komen, dan kan hij vooraf, voor dezelfde werkzaamheden waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, geen laagrentende lening bij het Restauratiefonds aanvragen. Er is geen combinatie van een laagrentende lening en subsidie mogelijk voor dezelfde werkzaamheden. Een eigenaar maakt een keuze tussen laagrentend lenen (vooraf) of subsidie (achteraf).

Overgang naar de nieuwe regeling met onderhoudskosten in 2018 en/of 2019

  • Alle uitgaven voor in 2018 gemaakte onderhoudskosten voor een rijksmonument komen nog in aanmerking voor fiscale aftrek. De onderhoudskosten in 2019 niet meer.

  • Een particulier eigenaar van een rijksmonument met een woonfunctie die voor 15 december 2018 een offerte van een laagrentende lening (70%) accepteert, én waarvan de werkzaamheden doorlopen in 2019, kan in 2020 achteraf via de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed een subsidie van 38% aanvragen over de gemaakte instandhoudingskosten (conform Sim) in 2019. Meer informatie over de subsidieregeling vindt u hier.

  • Een eigenaar van een rijksmonument die nog steeds fiscaal aftrekbare onderhoudskosten heeft, en waarvan het inkomen te laag is, kan het resterende deel van de persoonsgebonden aftrekpost desgewenst in 2020 nog verrekenen in zijn aangifte.
  • Voor een eigenaar die al een laagrentende lening van het Restauratiefonds heeft, en waarvan de werkzaamheden zijn afgerond, gelden per 1 januari 2019 de nieuwe regels.